Depressie bij de ander

Wanneer weet je of je gelukkig bent? 
Dat voel je, zegt men dan. Wanneer weet je of je depressief bent? 
Dat voel je ook, zegt men. Ik schud mijn hoofd. Nee, je voelt helemaal niets…

Ik voel niet meer

Een depressie is geen “dipje” waar je 1,2,3 uitkomt. Het is een groot stuk ijzer dat vastgeroest zit aan je been. Het is iets wat je meesleept elke dag en wat je mee naar bed neemt, elke nacht.

Tuurlijk voel en zie je dingen, maar je kunt de emoties niet uiten. Zelfs jouw verdriet en het verdriet wat je anderen aandoet kun je niet meer kwijt. Zo af en toe verschijnt er een glimlach op je gezicht, maar dat is maar schijn. Zolang je voor de buitenwereld gelukkig lijkt, is het goed toch?

Men zou nee knikken, maar als het in je hoofd zo tegenzit en je hart alleen nog maar klopt omdat het moet… 

Een depressie is geen “ziekte” of een “ding” het is een demoon die langzaam het leven uit je zuigt.

Jouw depressie werd mijn leegte

Depressief… Op papier is het slechts een woord. In werkelijkheid is het zo veel meer dan dat.

Het doet onbeschrijfelijk veel pijn als je de persoon waarvan je zoveel houdt ziet vechten om zijn normale leven weer terug te krijgen. Je herkent hem/haar niet meer terug. Het is iemand anders geworden, er zijn andere gedachtes gekomen. Een depressie is een vreselijke stoorzender die alleen nog maar zorgt voor angst en verdriet. Angst voor de depressieve gedachtes en angst om alleen te zijn. Het raakt je om het verdriet in de ogen van de ander keer op keer te zien. Het raakt je dat hij/zij zichzelf niet meer is. Onbewust word je meegetrokken in de depressie. Je voelt je machteloos en wanhopig en er ontstaat langzaam een leegte. Hoe graag je het ook wilt begrijpen, je zult nooit weten hoe een depressief brein werkt totdat jezelf in de situatie verkeerd.

Depressie beperkt een hoop

Liefde is misschien wel het fijnste gevoel dat ik ken. Je houdt van elkaar, er wordt van je gehouden en je straalt. Liefde geeft je het gevoel dat je er toedoet. Je bent gelukkig en hebt een steun en toeverlaat aan je zijde.

Een relatie waarborgt dit gevoel voor een langere tijd. Zowel vriendschappelijk als op liefdesgebied. Liefde ontvang je van je ouders, geef je door aan je kinderen en vrienden en krijgt het terug op de momenten dat je het nodig of juist niet nodig hebt.

Dit is hoe een normaal persoon de liefde ziet. Het depressieve brein is helaas anders ingesteld. Het ziet liefde als een sprookje. Iets wat niet echt is, maar wat ze wel graag willen hebben. Het is niet zo dat deze mensen geen liefde ontvangen, maar ze kunnen geen liefde geven omdat ze zichzelf niet liefhebben. Ze houden niet van zichzelf, maar ze haten. Ze haten die verdomde depressie die alles kapot maakt. Relaties met vrienden, familie, maar ook die met hun ouders.

Garcella Dings | blogger Wijzermetjebeperking.nl

Waar is mijn kind heen?

Je ziet het niet gebeuren van een afstandje zoals een brand een paar straten verderop. Je staat oog in oog met het vuur en je probeert met al je moed de vlammen te doven. Er is niets verschrikkelijker dan het lijden zien van je kind. Je ziet hoe hij/zij opstaat, de dag doorbrengt en weer naar bed gaat. Allemaal zonder of weinig emotie, spraak of blijdschap. Het kind dat altijd buiten speelde, tig vriendjes en vriendinnetjes had en altijd heel vrolijk in het leven stond is veranderd in een kasplantje. Hij/zij slaapt, eet en heeft onderdak, maar de depressie slokt het leven van je kind iedere dag een beetje meer op. Je kind is niet meer de persoon die hij/zij was. Het liefst wil je schreeuwen, huilen van verdriet en hem/haar wakker schudden, maar je wilt ook een sterke ouder zijn en de zwakte wegstoppen. De lust om te vechten wordt iedere dag een beetje minder en je gaat je schuldig voelen. Had ik het beter kunnen doen? Had ik het kunnen voorkomen? En zo ja hoe? Je gaat jezelf vragen stellen die je niet hoort te stellen als ouder zijnde. Ouder dat ben je. Je bent een papa of een mama voor je kind en dat zal je altijd blijven, ook al is je kind het kind niet meer dat hij/zij was.

Over Garcella Dings

Ik ben een dromer en creëer de toekomst in mijn hoofd. Ook ben ik een echte denker en schrijver. Mijn ideeën visualiseer ik of schrijf ik uit op papier. Door te schrijven kan ik mijn drukke hoofd leeg maken. Het is mijn enige uitlaatklep. Ik kan alles opschrijven wat ik wil zonder dat iemand oordeelt. Ik grijp naar mijn pen in moeilijke, maar ook in mooie momenten. Moeilijke momenten moet je van je afschrijven en het proberen los te laten. De mooie momenten koester ik door ze op papier te bewaren. Ik zei al dat ik een dromer was, maar wel eentje die zijn dromen waarmaakt. Sinds groep vier schreef ik al verhaaltjes en ik droomde ervan om later een écht boek te schrijven. Die droom heb ik waargemaakt en dat boek is er. Een moeilijke periode heb ik met veel liefde en verdriet omschreven in een kleine roman. Het boek is af, weliswaar niet perfect maar hé ik heb wel gedaan waar ik als klein meisje van droomde. Zoals ik al zei; het boek is af, de moeilijke periode is nog steeds gaande. Mijn eerste boek is hier te bestellen. Een tweede boek wil ik zeker gaan schrijven, maar voorlopig droom ik nog even over alle andere fijne dingen.

Recente berichten